Deze website maakt gebruikt van cookies om instellingen te onthouden en om de website beter op uw behoeften af te stemmen. Klik hier voor meer informatie over cookies.

Ja, ik ga akkoord Nee, ik ga niet akkoord X

GRI index

Voor de volledige GRI Indextabel verwijzen wij u naar de PDF

Standaard informatie   Indicator   Verwijzing/ directe beantwoording
Algemene informatie
Strategie en analyse        
G4-1   Verklaring van de hoogste beslissingsbevoegde over de relevantie van duurzame ontwikkeling voor de organisatie en haar strategie   Ons Verhaal
G4-2   Beschrijving van belangrijke gevolgen, risico's en mogelijkheden   Materialiteitstoets
Ons verhaal
Organisatieprofiel        
G4-3   Naam van de organisatie   Alliander N.V.
Over ons bedrijf
G4-4   Voornaamste merken, producten en/of diensten   Over ons bedrijf
Organisatiestructuur
G4-5   Locatie van het hoofdkantoor van de organisatie   Utrechtseweg 68, 6812 AH te Arnhem
G4-6   Het aantal landen waar de organisatie actief is (met relevantie voor de duurzaamheidskwesties)   Over ons bedrijf
    Alliander is gevestigd in Nederland en Duitsland
G4-7   Eigendomstructuur en de rechtsvorm   Over ons bedrijf
Corporate Governance: juridische-structuur
G4-8   Afzetmarkten (geografische verdeling, sectoren en soorten klanten)   Over ons bedrijf
G4-9   Omvang van de organisatie   Over ons bedrijf: 2014 in cijfers
G4-10   Totale personeelsbestand naar type werk, arbeidsovereenkomst en regio   Medewerkers
   
Toelichting: de weergave betreft de activiteiten in Nederland, een weergave naar regio is niet materieel. Aard van de werkzaamheden leidt tot continuiteit in medewerkersbestand, er is geen sprake van grote fluctuatie in het medewerkersbestand.

Zie onderaan deze tabel: overige bedrijfsgerelateerde informatie (G4-LA1) voor een specificatie van de medewerker aantallen.
G4-11   Percentage werknemers dat onder een collectieve arbeidsovereenkomst valt   Alle medewerkers vallen onder het cao-akkoord 'CAO Netwerkbedrijven, 27 februari 2014, tussen vakbonden en de gezamenlijke netbeheerders.
G4-12   De waarde- en leveringsketen van de organisatie   Over ons bedrijf: onze rol in de energiesector
Strategie: waardecreatie
G4-13   Significante veranderingen tijdens de verslaggevingsperiode wat betreft omvang, structuur, eigendom of de waardeketen   Er zijn in 2014 geen significante veranderingen geweest betreffende de omvang, structuur, eigendom of de waardeketen
G4-14   Niet van toepassing    
G4-15   Extern ontwikkelde economische, milieugerelateerde en sociale charters, principes of andere initiatieven die worden onderschreven   Interactie met stakeholders

Sectorarrangement werkgelegenheid, Urgenda, Smart Energy Collective, Klimaatverbond Nederland, Vereniging Eigen Huis, Milieu Centraal en FRES, loket samen, energieaandeel.nl, Green Deal Fair Meter, Green Deal Circulair Inkopen.
Nieuw 2014: Hieropgewekt (met: VNG, Fudura, Stedin), langlevejehuis.nl (met Sanoma), Green Deal Circulaire Gebouwen, Green Deal Watt voor Watt, Green Deal Warmtenetwerk
G4-16   Lidmaatschappen van verenigingen en/of nationale internationale belangenorganisaties   Interactie met stakeholders

Netbeheer Nederland, werkgeversvereniging voor de Energie-, Kabel & Telecom- en Afval & Milieubedrijven (WENb), Global Intelligent Utility Network Coalition, European Distribution System Operators for Electricity (Edso), Cedec, GRI, NEN, MVO-Nederland, E-decentraal, De Groene Zaak, Eurelectric, Eurogas, IGU, NbNL, Nedu, Natuur en milieu, Nudge, Stichting de Opkikker, Nederland Cares.
Materiele aspecten en afbakening      
G4-17   Overzicht van entiteiten opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van de organisatie of in gelijkwaardige documentatie. b. Entiteiten in de geconsolideerde jaarrekening die niet zijn opgenomen in het verslag   Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening
G4-18   Proces voor het bepalen van de inhoud van het verslag   Materialiteitstoets
GRI
Interactie met stakeholders
G4-19   Overzicht van alle materiële aspecten die geïdentificeerd zijn in het proces voor het bepalen van de inhoud van het verslag   Materialiteitstoets
G4-20   De grenzen van de materiële aspecten die binnen de organisatie vallen   Over dit verslag: Financiële en maatschappelijke verantwoording
Over ons bedrijf: onze rol in de energiesector
    De financiële informatie in dit jaarverslag is geconsolideerd voor Alliander en alle dochterondernemingen. In de maatschappelijke informatie zijn alleen Alliander en de belangrijkste dochterondernemingen voor 2014, te weten Liander, Endinet en Liandon, geconsolideerd.

Acquisities en desinvesteringen zijn verantwoord in de toelichting op de jaarrekening. Voor de acquisities geldt dat deze meelopen in de data-uitvraag voor de niet-financiële data. Voor investeringen in minderheidsdeelnemingen geldt dat deze geen onderdeel uitmaken van de data uitvraag voor de niet-financiële data.

Daar waar wordt afgeweken van de hierboven aangegeven afbakening wordt in de GRI Index per aspect aangegeven hoe dit gebeurt binnen de kolom "Aspect afbakening".
G4-21   De grenzen van de materiële aspecten die buiten de organisatie vallen   Materiele aspecten die buiten de grenzen van de organisatie vallen en waarover gerapporteerd wordt zijn de volgende:

Veilig en gezond werken: leveranciers
Energietransitie: keten
Energiegebruik en CO2: scope 1, 2 en 3

Wanneer van bovenstaande wordt afgeweken wordt per aspect of indicator dit toegelicht in de kolom "Aspect afbakening"
G4-22   Verslag van de gevolgen van eventuele aanpassingen van de informatie verstrekt in eerdere rapporten, en de redenen voor deze aanpassingen   De indicator CO2 footprint bestaat voor ongeveer 80% uit de emissies als gevolg van netverlies. Tot voorgaand jaar vormde de transportbalans het uitgangspunt voor de verantwoording van het netverlies in de CO2 footprint. Alliander heeft samen met andere netbeheerders de ambitie om voor de footprint in verslagjaar 2015 voor het eerst sector breed een uniforme wijze van rapporteren te hanteren, gebaseerd op energiebalans. Als bijkomend voordeel geldt dat de energiebalans ook de basis vormt voor de financiële verantwoording van het netverlies in de jaarrekening. In dit jaarverslag is de energiebalans al gebruikt als grondslag voor de CO2 footprint in plaats van de transportbalans. Als gevolg van deze stelselwijziging is het vergelijkend cijfer 2013 in de CO2 footprint naar boven aangepast (van 819 duizend kton naar 904 duizend kton).

Daarnaast is de Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (hierna MVI) indicator gewijzigd. Deze indicator geeft weer voor welk deel van de producten en diensten die zijn ingekocht afspraken zijn gemaakt over Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. Het gaat hier om inkopen waarvoor Alliander keuzevrijheid heeft voor leveranciers. In tegenstelling tot 2013 zijn de inkopen voor netverlies niet langer onderdeel van deze indicator. Als gevolg van deze stelselwijziging is het vergelijkend cijfer 2013 aangepast (van 47% naar 53%).

Ten slotte is het aantal terugleverinstallaties in dit jaarverslag voor de jaren 2012 en 2013 naar beneden bijgesteld. In 2012 en 2013 is het aantal terugleverinstallaties verantwoord inclusief niet actieve installaties. De cijfers van 2012 en 2013 zijn hiervoor gecorrigeerd. De terugleverinstallaties voor Zon, Wind en Biogas zijn als volgt aangepast:
· Biogas (2013: van 270 naar 254) en (2012: van 254 naar 239)

· Wind (2013: van 817 naar 738) en (2012: van 772 naar 697)

· Zon (2013: van 48.356 naar 47.544) en (2012: van 20.136 naar 20.480)

Zoals aangegeven verkrijgt Alliander reasonable assurancen bij de onderwerpen op het Alliander dashboard, waaronder de CO2 footprint. Hiervoor is het noodzakelijk om met de maatschappelijke verantwoording (footprint) zoveel als mogelijk aan te sluiten bij de financiële verantwoording van het netverlies. Met de energiebalans is dit mogelijk. De energiebalans geeft het ingekochte en gealloceerde netverlies weer aangevuld met de reconciliatieberichten over het desbetreffende verslagjaar. De energiebalans vormt ook de basis voor de financiële verantwoording van het netverlies. Bijkomend voordeel is dat andere netbeheerders voor de footprint eveneens de energiebalans hanteren en dat Alliander het streven heeft om over verslagjaar 2015 voor het eerst sector breed een uniforme wijze van rapporteren te hanteren, gebaseerd op deze energiebalans. Als gevolg van deze stelselwijziging is het vergelijkend cijfer 2013 in de CO2 footprint naar boven aangepast.
G4-23   Significante veranderingen ten opzichte van vorige verslagperiodes ten aanzien van de reikwijdte en aspectenafbakening   Materialiteitstoets
GRI
Interactie met stakeholders
    Alliander heeft het proces van materialiteitsbepaling in 2014 gestructureerder en grondiger aangepakt. Daarnaast is ten opzichte van 2013 de overstap gemaakt van GRI-3 naar GRI-4. Er is meer, en meer kwantitatieve, informatie opgehaald bij de verschillende stakeholders. Dit heeft in beperkte mate invloed gehad op de materialiteit, maar geen invloed gehad op de reikwijdte en aspectenafbakening.
Betrokkenheid belanghebbenden        
G4-24   Lijst van groepen belanghebbenden die de organisatie heeft betrokken   Interactie met stakeholders
Materialiteitstoets
G4-25   Basis voor inventarisatie en selectie van belanghebbenden   Interactie met stakeholders
Materialiteitstoets
G4-26   Benadering van het betrekken van belanghebbenden   Interactie met stakeholders
Materialiteitstoets
G4-27   De voornaamste onderwerpen en vraagstukken die naar voren zijn gekomen door de betrokkenheid van belanghebbenden en hoe de organisatie hierop heeft gereageerd   Onze stakeholders
Interactie met stakeholders
Materialiteitstoets
Strategie
Trends en marktontwikkelingen
Verslagprofiel        
G4-28   Verslaggevingsperiode   Dit verslag betreft de periode 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014
G4-29   Datum van het vorige verslag   Alliander jaarverslag 2013 (1 januari 2013 tot en met 31 december 2013)
G4-30   Verslaggevingcyclus   Jaarlijks per kalenderjaar
G4-31   Contactpersoon   Dilemma's
    U kunt vragen stellen of uw mening geven via communicatie@alliander.com
G4-32   a. De 'in accordance' optie die de organisatie heeft gekozen. b. GRI-index voor de gekozen optie. c. Verwijzing naar het externe assurance-rapport, indien het rapport extern is geverifieerd   Onafhankelijk Assurance rapport
    In accordance: comprehensive
GRI G4.0 Indextabel is toegepast, alsmede sectorsupplement Electric Utilities, uitgave GRI April 2009.

Tabel is gepubliceerd op: jaarverslag.alliander.com
G4-33   Beleid en huidige praktijk met betrekking tot het betrekken van externe assurance van het verslag   Alliander vindt het voor haar stakeholders van belang om assurance te verkrijgen bij het maatschappelijk deel van het jaarverslag. Voor het jaarverslag 2014 heeft Alliander een goedkeurend assurance-rapport met een redelijke mate van zekerheid verkregen voor het meest relevante deel van het jaarverslag, namelijk de belangrijkste stuurvariabelen van het bedrijf (financieel én niet financieel). Daarnaast heeft Alliander een goedkeurend assurance-rapport met beperkte mate van zekerheid verkregen bij de rest van het maatschappelijk deel van het jaarverslag. Ter waarborging van de kwaliteit van de maatschappelijke informatie hanteert Alliander het 'three-lines-of-defence-model'. Vanuit onder meer de stakeholderdialoog, materialiteitstoets en GRI vindt een uitvraag plaats bij de bedrijfsonderdelen voor de aanlevering van maatschappelijke informatie. De bedrijfsonderdelen vormen de eerste verdedigingslinie en zijn verantwoordelijk voor het aanleveren van betrouwbare informatie. De business controller van het desbetreffende bedrijfsonderdeel, als tweede verdedigingslinie, bewaakt de tijdige en betrouwbare aanlevering door de bedrijfsonderdelen. De business controller toetst onder meer de onderbouwing en analyses aangeleverd door de bedrijfsonderdelen en bouwt een dossier op voor de verificatie door de interne accountantsdienst. De interne accountantsdienst vormt de derde verdedigingslinie en verifieert de maatschappelijke informatie alvorens deze door de externe accountant wordt beoordeeld. De externe accountant vormt het sluitstuk van het verificatieproces en verstrekt uiteindelijk zekerheid, zoals verwoord in haar verklaring.
Ondernemingsbestuur      
G4-34   Bestuursstructuur van het hoogste bestuurslichaam en de commissies die verantwoordelijk zijn voor de besluitvorming ten aanzien van economische, sociale en ecologische impact   Corporate Governance
Renumeratierapport
G4-35   Het proces voor het delegeren van bevoegdheden door het hoogste bestuursorgaan naar managers en andere werknemers inzake de economische, sociale en ecologische onderwerpen   MVO is een integrale verantwoordelijkheid voor alle bedrijfsonderdelen en maakt deel uit van de Planning & Control cyclus. Alle bedrijfsonderdelen beschikken over een analyse van de kwalitatieve en kwantitatieve maatschappelijke effecten van hun bedrijfsvoering. De analyse is leidraad voor aanpak en doelen van het bedrijfsonderdeel. Met de vaststelling van het bedrijfsbeleid en de doelstellingen voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen door de directie van Alliander worden deze uitgangspunt bij het Business Planning en Budget Proces van bedrijfsonderdelen en staf.
G4-36   Verantwoordelijkheid voor economische, milieu-en sociale onderwerpen, op directieniveau en of functionarissen die rechtstreeks rapporteren aan het hoogste bestuursorgaan.   De Raad van Bestuur is in zijn geheel verantwoordelijk voor de economische, ecologische en sociale impact van Alliander. Hierbij hebben de leden van de Raad van Bestuur geen specifieke subverantwoordelijkheden

  1. De manager MVO communiceert het beleid persoonlijk naar de directeuren van de bedrijfsonderdelen en faciliteert het directieteam bij het vaststellen van kwantificeerbare parameters voor het monitoren van voortgang
  2. Het team MVO faciliteert de bedrijfsonderdelen bij het uitwerken van het beleid naar bedrijfsvoering, het formuleren van doelstellingen en waar nodig bij het vaststellen van beleid op specifieke thema’s en aandachtsgebieden
  3. De afdeling Corporate Control en het team MVO dragen zorg voor toetsing van de Business Plannen en bedrijfsprestaties aan het beleid
  4. MVO maakt deel uit van individuele afspraken met management en medewerkers. Medewerkers worden in staat gesteld bij te dragen aan de doelstellingen en thema’s van het bedrijf
  5. In de planning en controlcyclus wordt aandacht besteed aan MVO. De voortgang van de doelstellingen en het MVO beleid worden middels het dashboard en in rapportages bijgehouden.
G4-37   Het consultatieproces tussen stakeholders en het hoogste bestuursorgaan over economische, ecologische en sociale onderwerpen   Materialiteitstoets
Corporate Governance
    RvB en RvC consulteren vertegenwoordigers van de stakeholders. Door aanwezigheid of vertegenwoordiging in regulier en ad-hoc overleg wordt actief kennisgenomen van ontwikkelingen en standpunten over strategische thema's. De resultaten van het MVO beleid worden met de stakeholders geëvalueerd. Aan de hand van onder meer klantconsultaties, medewerkersbetrokkenheid, aandeelhoudersbijeenkomsten, ronde tafel bijeenkomsten en de Maatschappelijke verslaglegging wordt vastgesteld in welke mate stakeholders het beleid en de resultaten daarvan waarderen.
G4-38   De samenstelling van het hoogste bestuursorgaan   Verslag van de Raad van Commissarissen
Personalia RvB
Personalia RvC
Corporate Governance: governancestructuur
Reglement RvC
    Alliander N.V. heeft een 'two-tier' board waarbij bestuur en toezicht gescheiden zijn in respectievelijk de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen
G4-39   Rol van de voorzitter van het hoogste bestuursorgaan.   Corporate Governance
Personalia RvB
Personalia RvC
G4-40   Proces voor het bepalen van de kwalificaties en expertise van de leden van het hoogste bestuursorgaan en de criteria voor benoeming   Verslag RvC
Corporate Governance
   
De RvC draagt de verantwoordelijkheid voor de werving en selectie van een bestuurder. Hiertoe wordt een Over ons bedrijfschets opgesteld die is gebaseerd op de strategische doestellingen en ambities voor Alliander en bestaat uit meerdere onderdelen. De belangrijkste zijn: 1) de kerntaken en -verantwoordelijkheden van de vacante functie 2) de selectiecriteria zoals de gevaagde competenties, ervaring en opleiding(en). Bij de benoeming speelt ook de ondernemingsraad een rol. De ondernemingsraad dient in de gelegenheid gesteld te worden advies uit te brengen over de voorgenomen benoeming van de bestuurder. De RvC streeft ernaar dat relevante kennisgebieden voor Alliander zijn vertegenwoordigd in de RvB. Daarnaast streeft de RvC naar een gemengde samenstelling van het bestuur. Benoeming van bestuursleden vindt plaats in overeenstemming met de Wet bestuur en toezicht (beperking aantal nevenfuncties en streefcijfer op het gebied van diversiteit (m/v))
G4-41   Processen waarmee het hoogste bestuursorgaan waarborgt dat strijdige belangen worden vermeden en gemanaged   Corporate Governance
Personalia RvB
Personalia RvC
   
De Nederlandse corporate governance code is bij Alliander verankerd in de statuten, het Reglement van de RvB, het Reglement van de RvC, de reglementen van de commissies van de RvC, in de Gedragscode (incl. Insiderregeling) en in de Klokkenluidersregeling. Nevenfuncties van bestuurders moeten aan de voorzitter van de RvC worden gemeld en 'zware' nevenfuncties uit hoofde van de Wet bestuur en toezicht moeten worden goedgekeurd door de voorzitter van de RvC. Nevenfuncties van bestuurders worden openbaar bekend gesteld op de website. In het Reglement van de RvB zijn strikte regels opgenomen over tegenstrijdige belangen. In 2014 werden geen belangentegenstellingen gerapporteerd. Daarnaast voorziet het Reglement RvB er in dat in geval van ernstige verschillen van inzicht tussen de RvB-leden, elk lid de mogelijkheid heeft hierover contact op te nemen met de RvC. In 2014 waren er geen fundamentele verschillen
G4-42   De rol van het hoogste bestuurslichaam en top managers in de ontwikkeling, goedkeuring, en actualisering van de missie en visie, strategie, beleid en doelstellingen ten aanzien van economische,ecologische en sociale impact   Strategie
Missie, visie en ambitie
Doelstellingen & prestaties
Corporate Governance
G4-43   Maatregelen die zijn genomen om de kennis over economische, ecologische en sociale onderwerpen van het hoogste bestuursorgaan verder te ontwikkelen   Interactie stakeholders
Verslag RvC
G4-44   Evaluatieproces van de prestaties van het hoogste bestuursorgaan met betrekking tot de besturing van de economische, ecologische, en sociale onderwerpen en acties ondernomen naar aanleiding van deze evaluatie   Corporate Governance
Renumeratierapport
Verslag RvC
G4-45   De rol van het hoogste bestuursorgaan bij de identificatie en het managen van de economische, ecologische en sociale impact, risico's en kansen   Corporate Governance: risicomanagement
Toelichting risico's
G4-46   De rol van het hoogste bestuursorgaan bij het beoordelen van de effectiviteit van risicomanagementprocessen van de organisatie ten aanzien van economische, ecologische en sociale onderwerpen   Corporate Governance: risicomanagement
G4-47   De frequentie van de evaluatie door het hoogste bestuurslichaam ten aanzien van de economische, ecologische en sociale impact, risico's en kansen   Corporate Governance: risicomanagement
    Kwartaalbasis
G4-48   Het hoogste orgaan of functie die het duurzaamheidsverslag beoordeelt en goedkeurt en tevens zorgdraagt dat alle materiële aspecten zijn afgedekt   Materialiteitstoets
    Nadat de interne beoordelingen zijn verricht wordt het conceptverslag naar Disclosure Committee gestuurd. De uitkomsten van bespreking worden verwerkt. De finaal concept versie wordt voorgelegd en besproken in het DT.
Commentaar wordt verwerkt en vervolgens definitief vastgesteld. De finale versie van het geintegreerd Financieel en Maatschappelijk Jaarverslag wordt beoordeeld en vastgesteld (en goedgekeurd? ) door de leden van de Auditcommissie van de RvC. Eventueel commentaar wordt in de finale versie verwerkt.
G4-49   Het proces voor communicatie over kritische zorgen aan het hoogste bestuursorgaan   Corporate Governance, Hoofdlijnen governance structuur
    De communicatie van kritieke zorgen richting de RvB gaat onder andere via de vertrouwenspersoon, die de melding van een medewerker ontvangt. Daarnaast kunnen meldingen ook binnen komen op grond van de Gedragscode of de Klokkenluidersregeling. De grootaandeelhouders en de Centrale Ondernemingsraad voeren regelmatig overleg met de RvB. Ook hier kunnen kritieke zorgen worden geuit. Daarnaast wordt de RvB door de afdeling Woordvoering en Public Affairs, die communiceren met pers, aandeelhouders en politiek Den Haag, geattendeerd op mogelijke reputatierisico's.
G4-50   De aard en het totale aantal kritische zorgen die zijn gecommuniceerd aan het hoogste bestuursorgaan en de procedures die gevolgd zijn om deze aan te pakken en op te lossen   Medewerkers kunnen met bijzondere situaties en conflicten terecht bij een vertrouwenspersoon of de klachtencommissie ongewenste omgangsvormen. Externe partijen kunnen vermeende onregelmatigheden melden via de klokkenluidersregeling van Alliander. Alliander stimuleert ook eigen medewerkers om, zonder gevaar voor hun rechtspositie, te rapporteren over misstanden van algemene, operationele of financiële aard. In 2014 is twee keer gebruikgemaakt van de klokkenluidersregeling, beide malen kwamen de meldingen van buiten Alliander. Onderzoek heeft niet geleid tot maatregelen en/of sancties.
G4-51   Beloningsbeleid van de leden van het hoogste bestuurslichaam, topmanagers en leidinggevenden   Renumeratierapport
Samenstelling en verslag commisies: selectie-, benoemings-, en renumeratiecomissies
G4-52   Het proces voor het vaststelling van beloning   Renumeratierapport
Samenstelling en verslag commisies: selectie-, benoemings-, en renumeratiecomissies
G4-53   Het proces dat zorgdraagt dat standpunten van belanghebbenden ten aanzien van beloning worden meegenomen   Renumeratierapport
    Het remuneratiebeleid van de Raad van Bestuur wordt vastgesteld door de aandeelhouders. Tijdens de jaarlijkse Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) legt de RvC bij de behandeling van het jaarverslag (waar het Remuneratierapport onderdeel van uitmaakt) verantwoording af over het gevoerde beloningsbeleid. Tijdens de AvA zijn de aandeelhouders in de gelegenheid hun standpunten t.a.v. de beloning van de RvB kenbaar te maken. Input van overige stakeholders wordt niet meegenomen, of indirect via de aandeelhouders.
G4-54   De verhouding van het jaarsalaris van de best betaalde persoon van de organisatie in elk land van significante bedrijfsactiviteiten tot de mediaan van het jaarsalaris van alle werknemers   6,6
G4-55   De verhouding van de procentuele toename van de jaarlijkse totale vergoeding voor de best betaalde persoon van de organisatie in elk land van significante bedrijfsactiviteiten tot de mediaan van deze toename voor alle werknemers   Vergelijkend cijfer niet beschikbaar, ambitie is dit cijfer in 2015 op te nemen
Ethiek en integriteit        
G4-56   De waarden, principes, standaarden en gedragsnormen van de organisatie, zoals gedragscodes en ethische codes   Corporate Governance
Gedragscode
Klokkenluidersregeling
   
De gedragscode die Alliander hanteert is in het Nederlands beschikbaar en hoeft niet ondertekend te worden. De code is niet exclusief onderwerp van een training binnen Alliander.
G4-57   De interne en externe procedures ten aanzien van ethiek en gedrag, alsmede zaken met betrekking tot integriteit, zoals hulplijnen of advieslijnen   Corporate Governance
    De klokkenluidersregeling moedigt medewerkers aan om elke klacht of ongewenste situatie binnen de organisatie te melden. Dit kan ook anoniem en onder bescherming. Medewerkers kunnen ook de fraudetelefoon bellen. Vanuit de afdeling Internal Audit is 1 fte beschikbaar voor onderzoek naar gemelde situaties. Medewerkers van de fraudetelefoon dienen lid te zijn van de organisatie van gecertificeerde fraude-onderzoekers (ACFE) met CPE-verplichting. Elke nieuwe medewerker wordt middels een brief geïnformeerd over de Alliander Gedragscode voor medewerkers. Voorts is er een onderzoeksprotocol beschikbaar met inbegrip van de klokkenluidersregeling. Controle-onderzoeken gerelateerd aan de gedragscode worden door Internal Audit met andere afdelingen gehouden. In 2014 is met een vertegenwoordiging van management en medewerkers een aantal sessies over bedrijfsethiek gehouden. Tijdens deze bijeenkomsten zijn meerdere dilemma's en mogelijke handelwijzen besproken.
G4-58   De interne en externe procedures voor het melden van (vermoeden van) onethisch of onwettig gedrag, en zaken die verband houden met integriteit, zoals escalatie van het lijnmanagement, klokkenluidersregeling of meldpunten   Corporate Governance
Materiele aspecten en managementbenadering
Specifieke informatie        
Categorie:   Economie    
Aspect   Economische prestatie    
G-4 DMA       Aandeelhouder en investeerders: een verantwoorde investering
Doelstellingen en prestaties: aandeelhouders en investeerders
G4-EC1   Directe economische waarden die zijn gegenereerd en gedistribueerd.   Jaarrekening
    Directe beantwoording
Netto omzet: 1.696 miljoen euro
Bedrijfskosten: 1.327 miljoen euro
Personeelskosten: 465 miljoen euro
Netto financiele lasten: 93 miljoen euro
    Hieronder zijn de belastingen opgenomen voor Nederland en Duitsland:

Venootschapsbelasting totaal: 79 miljoen euro
Venootschapsbelasting Nederland: 79 miljoen euro
Venootschapsbelasting Duitsland: nihil
Loonheffing totaal: 121 miljoen euro
Loonheffing Nederland: 119 miljoen euro
Loonheffing Duitsland: 2 miljoen euro
Precario totaal: 80 miljoen euro
Precario Nederland: 80 miljoen euro
Precario Duitsland: nihil
Omzetbelasting* totaal: 213 miljoen euro of te dragen
Omzetbelasting Nederland: 214 miljoen euro
Omzetbelasting Duitsland: -1 miljoen euro

* Omzetbelasting is het netto af te dragen deel
G4-EC2   Financiële implicaties en andere risico’s en mogelijkheden voor de activiteiten van de organisatie als gevolg van klimaatverandering.   Toelichting risico's
Trends en marktontwikkelingen
Strategie
   
De (in-)directe effecten en risico's van klimaatverandering zijn onderdeel van de risicobenadering. Voor bestaande en geplande bedrijfsmiddelen vindt evaluatie plaats van de risico's van o.m. overstroming, natuurbrand en stormen. Alliander is aangesloten bij het Deltaprogramma waarin risico's van klimaatverandering op nationale schaal worden besproken en de aanpak wordt gecoordineerd. Effecten en risico's worden beoordeeld en acties zijn gericht op adaptie en beheersing middels de crisis- en calamiteitenorganisatie. De strategische pijler Energietransitie en het beleid voor een duurzame bedrijfsvoering zijn gericht op actieve beperking van emissies en op een andere energievoorziening.
G4-EC3   Dekking van de verplichtingen in verband met het vastgestelde uitkeringenplan van de organisatie.   Jaarrekening: toelichting op de geconsolideerde jaarrekening
Jaarrekening: noot 44 voorzieningen
    Medewerkers in dienst van Alliander zijn op grond van Nederlandse wetgeving verplicht verzekerd voor pensioen en werkloosheid. In geval van reorganisatie geldt een sociaal plan dat is afgesloten met werknemersvertegenwoordigers. Zie ook voorzieningen voor personeelsbeloningen.
G4-EC4   Significante financiële steun van een overheid.   Aandeelhouders en investeerders
Over ons bedrijf: organisatiestructuur
        Alliander: 1.655.745,- euro
Edinet: 4000,- euro
Totaal: 1.659.745,- euro

Significante financiele steun betreft subsidies/ bijdragen van nederlandse overheid

Decentrale overheden zijn voor 100% aandeelhouder van Alliander
Aspect   Markt aanwezigheid    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Indirecte economische invloed    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Inkoop en keten    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Categorie:   Milieu    
Aspect   Materialen    
G4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Energie    
G-4 DMA       Aandeelhouder en investeerders: onze duurzame prestaties, energiegebruik en CO2
Doelstellingen en prestaties: aandeelhouders en investeerders
G4-EN3   Energieverbruik binnen de organisatie.   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
    Gasgebruik gebouwen: 1.519.285 m3
Brandstof wagenpark in liter:
Benzine 1.699.353 Liter
Diesel 4.335.890 Liter
LPG 17.278 Liter
Elektriciteitsgebruik gebouwen: 13.786.543 kWh

Gasgebruik gebouwen: 1.687.262 m3
Brandstof wagenpark in liter:
Benzine 1.680.715 Liter
Diesel 3.946.956 Liter
LPG 38.829 Liter
Elektriciteitsgebruik gebouwen: 13.741.151 kWh

    Kosten energie & water gebruik
Eigen verbruik gas: 1.026.000,- euro
Electriciteitsgebruik gebouwen: 1.996.000,- euro
Warmte: 189.000,- euro
Water: 51.000,- euro
G4-EN4   Energieverbruik buiten de organisatie.   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
Tabel Ketenemissies (scope 3)
Vijfjarenoverzicht
   
De grootste impact die Alliander heeft buiten haar organisatiegrenzen komt door middel van energietransport naar onze eindgebruikers, voor 2013 en 2014 gaat het om de volgende hoeveelheden.

2013:
Elektriciteit: 30.314 GWh
Gas: 7000 miljoen m3

2014
Elektriciteit: 29.936 Gwh
Gas: 6.115 miljoen m3
G4-EN5   Energie intensiteitratio.   Als energie intensteitsratio hanteert Alliander haar energieverbruik in GJ gedeeld door haar netto omzet in miljoenen. Voor 2014 is de energieintensteitsratio daarmee 185,0 GJ/Miljoen €
G4-EN6   Reductie van het energieverbruik.   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
    2014
Gasgebruik gebouwen: 53.433 GJ (conversiefactor 35,17, officiele energetische waarde aardgas slochteren)
Elektriciteitsgebruik gebouwen: 49.632 (conversiefactor 3,6, omrekenfactor SI)
Totaal energiegebruik gebouwen: 103.065 GJ
Benzine: 55.059 GJ(conversiefactor 32,4)
Diesel: 155.225 GJ (conversiefcator 35,8)
LPG: 499 GJ (conversiefactor 26)
Totaal energiegebruik transport: 210733 GJ
Totaal energiegebruik: 313.798

Gasgebruik gebouwen: 59.341 GJ (conversiefactor 35,17, officiele energetische waarde aardgas slochteren)
Elektriciteitsgebruik gebouwen: 49.468 (conversiefactor 3,6, omrekenfactor SI)
Totaal energiegebruik gebouwen: 108.9095 GJ
Benzine: 54,455 GJ(conversiefactor 32,4)
Diesel: 141.301 GJ (conversiefcator 35,8)
LPG: 1.010 GJ (conversiefactor 26)
Totaal energiegebruik transport: 196.766 GJ
Totaal energiegebruik: 305.575

Toename energieverbruik ten opzichte van 2013: 8.233 GJ
G4-EN7   Reductie van de energiebehoefte ten aanzien van producten en diensten.   Strategie: waardecreatie
Doelstellingen en prestaties: klanten
Klanten: energiebesparing
Klanten: duurzaam
   
De totale invoeding groengas in het verzorgingsgebied in aantal m3 in het jaar was 15.604.592 m3. Dit gebeurde middels 9 groen gas aansluitingen
Onder groengas wordt verstaan de volgende definitie:
Groen gas: Bio-SNG, Biogas of Stortgas dat tot aardgaskwaliteit is opgewerkt

Definitie ontleend aan document "Voorlopige aanvullende voorwaarden RNB Groen Gas Invoeders"
Biogas: Gas dat zich binnen de definitie van _gas_ in de Begrippenlijst Gas onderscheidt doordat het een product is uit een vergistingsproces. Het bevat voornamelijk CH4 en CO2 .
Stortgas: Gas dat zich binnen de definitie van _gas_ in de Begrippenlijst Gas onderscheidt doordat het een product is van een stortplaats. De samenstelling is vergelijkbaar met Biogas.
Bio-SNG: SNG dat geproduceerd wordt uit uitsluitend biomassa.

Het totaal aantal openbare E-laadpunten binnen het Alliander verzorgingsgebied op peildatum gerealiseerd door stichting E laad en overige opdrachtgevers en klanten betreft 1505 locaties
Aspect   Water    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Biodiversiteit    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Emissies    
G-4 DMA       Aandeelhouder en investeerders: onze duurzame prestaties, energiegebruik en CO2
Doelstellingen en prestaties: aandeelhouders en investeerders
G4-EN15   Directe emissies van broeikasgassen naar gewicht (scope 1).   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
    De meeste gegevens, zoals opgenomen in de tabellen en grafieken in dit verslag, zijn gebaseerd op onderliggende bronsystemen. Voor een aantal gegevens wordt gebruik gemaakt van de registratie en/of rapportage door derden. Een voorbeeld hiervan is het afvalvolume en de aan afval gerelateerde CO2-uitstoot.

Bij totstandkoming van de CO2-voetafdruk en het energiegebruik wordt gebruik gemaakt van aannames en inschattingen. Voor de bepaling van de CO2-uitstoot worden de meest recente emissiecoëfficiënten gehanteerd. Deze zijn gebaseerd op externe onderzoeken.

Ruim 80% van de CO2 footprint wordt veroorzaakt door netverlies E, dat getal is berekend met 0,45594. De waarde representeert de landelijke productiemix 2013 voor grijze stroom. Het rapport "Achtergrondgegevens stroometikettering 2013" van CE Delft levert deze waarde op. Daarnaast is er nog een correctie van 2% voor tank-to-wheel.

Ruim 10% van de CO2 footprint wordt veroorzaakt door lekverlies G, gebaseerd op het aantal leiding dat in het netwerk van Alliander ligt. De gietijzeren leidingen hebben hierbij een hoger lekverlies (610 m3 per kilometer) , en daar mee een hoger uitstoot dan de reguliere leidingen (120 m3 per kilometer). De CO2 equivalent die daarbij gehanteerd wordt voor methaan is 25.
G4-EN16   Indirecte emissies van broeikasgassen naar gewicht (scope 2).   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
    Voor toelichting van de onderbouwing zie EG4-EN15, daarmee is ruim 90% van de emissies afgedekt
G4-EN17   Andere relevante indirecte emissies van broeikasgassen naar gewicht (scope 3).   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
    Voor toelichting van de onderbouwing zie EG4-EN15, daarmee is ruim 90% van de emissies afgedekt
G4-EN18   Broeikasgassenemissie-intensiteitratio.   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
    Doelstellingen en prestaties: totaal aan emissies opgenomen
   
Alliander berekent haar broeikasgassenemissie-intensiteitsratio door haar uitstoot van scope 1, 2 en 3 (minus de netverliezen en lekverliezen) te delen door haar netto omzet. De ratio komt daarmee op 190,1. Ton CO2 eq./ Miljoen €
G4-EN19   Reductie van broeikasgasemissies.   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
G4-EN20   Emissie van ozonafbrekende stoffen.   Niet van toepassing
G4-EN21   NOx, SOx en andere significante luchtemissies.   Het aandeel van de emissie NOx en SO2 van Alliander in de totale nederlandse emissie is respectievelijk 0,12% (299 ton NOx) en 0,23% (76 ton SO2). NOx: ongeveer 75% van de emissie is indirect vanwege netverliezen en komt vrij bij elektriciteitsproductie. Het overige deel van de NOx emissie is direct gerelateerd aan bedrijfsactiviteiten en ontstaat bij inzet van dieselaggregaten, gebruik van lease- en dienstauto's en in beperkte mate ten gevolge van gebruik overig vervoer en door energiegebruik gebouwen. SO2: de emissie is vrijwel geheel indirect vanwege netverliezen en komt vrij bij elektriciteitsproductie. Gezien de nauwe samenhang van de emissies met de netverliezen en CO2 voetafdruk is het beheersen van deze emissies onderdeel van het CO2 beleid van Alliander.
Aspect   Effluent en afval    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Producten en diensten    
G-4 DMA       Klant: samen slimmer met energie
Doelstellingen en prestaties: Klanten
G4-EN27   Initiatieven ter berperking van de milieugevolgen van producten en diensten en de omvang van deze compensatie.   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties
Klanten: energiebesparing
Klanten: duurzaam
Doelstellingen en prestaties: klanten
G4-EN28   Percentage producten dat is verkocht en waarvan de verpakking is ingezameld, naar categorie.   Niet van toepassing
Aspect   Compliance    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Transport    
G-4 DMA       Aandeelhouder en investeerders: onze duurzame prestaties, energiegebruik en CO2
G4-EN30   Significante milieugevolgen van het transport van producten en andere goederen en materialen die worden gebruikt voor de activiteiten van de organisatie en het vervoer van personeelsleden   Aandeelhouders en investeerders: onze duurzame prestaties, scope 1 &2 van de footprint
Medewerkers: het nieuwe werken
        97 elektrische auto's in het leasewagenpark
32 elektrische auto's in het bedrijfswagenpark
3,5% percentage elektrische auto's in het leasewagenpark en bedrijfswagenpark
Aspect   Totaal uitgaven milieubescherming    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Leveranciersbeoordeling    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Milieuklachten    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Categorie:   Sociale aspecten    
Sub categorie   Arbeidsomstandigheden    
Aspect   Werkgelegenheid    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Sociale verhoudingen    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Veiligheid en arbeidsomstandigheden    
G-4 DMA       Medewerker: veilig en gezond werken
Doelstellingen en prestaties: Veiligheid
G4-LA5   Percentage van het totale personeelsbestand dat is vertegenwoordigd in formele gezamenlijke arbo-commissies van werkgevers en werknemers die bijdragen aan de controle op en advies over arbo-programma’s.   Corporate Governance
    100% De Wet op de Ondernemingsraden (WOR) bepaalt dat elk bedrijf met 50 of meer personen een ondernemingsraad (OR) moet hebben. De ondernemingsraad bestaat uit medewerkers die namens het personeel overleg voeren met de directeur over het bedrijfsbeleid en de personeelsbelangen. De Wet op de Ondernemingsraden regelt de rechten en bevoegdheden van een OR. Hierdoor kunnen medewerkers invloed uitoefenen op het beleid van het bedrijf. Met andere woorden: medewerkers hebben medezeggenschap in het bedrijf. Er zijn drie ondernemingsraden: OR Alliander, OR Liander en OR Endinet die tesamen alle medewerkers in Nederland vertegenwoordigen. Medewerkers van Alliander AG hebben een eigen Betriebsrat
G4-LA6   Letsel-, beroepsziekte-, uitvaldagen- en verzuimcijfers en het aantal werkgerelateerde sterfgevallen naar geslacht en regio.   Medewerkers
Doelstellingen en prestaties: LTF en ziekteverzuim
Ongevallen met en zonder ziekteverzuim
    Voor het berekenen van de Lost Time Injury Frequency (LTIF) hanteren wij als uitgangspunt het aantal ongevallen met verzuim vermenigvuldigd met een miljoen gedeeld door een inschatting van het aantal gewerkte uren (gemiddeld 1800 uur per jaar per medewerker). In dit jaarverslag is kwantitatieve informatie verantwoord, al dan niet met vergelijkende cijfers van één of meerdere jaren. Hieruit zijn trends en ontwikkelingen af te leiden die in het verslag worden toegelicht.
G4-LA7   Werknemers met een hoog risico op ziekten die verband houden met hun beroep.   Medewerkers van Liander en Edinet werken met eletriciteits en gas en lopen daardoor een verhoogd risico. Desondanks zijn er geen beroespgroepen binnen Alliander die kampen met specifieke beroepsziektes
G4-LA8   Afspraken over arbo-onderwerpen vastgelegd in formele overeenkomsten met vakbonden.   Medewerkers
    Er zijn geen specifieke groepen medewerkers binnen Alliander waarvoor additionele formele afspraken zijn gemaakt
Aspect   Training en opleiding    
G-4 DMA       Medewerkers: opleiding en ontwikkeling
Doelstellingen en prestaties: Medewerkers
G4-LA9   Gemiddeld aantal uren dat een werknemer per jaar besteedt aan opleidingen, onderverdeeld naar werknemerscategorie.   Medewerkers: Opleiding en Ontwikkeling
G4-LA10   Programma’s voor competentiemanagement en levenslang leren die de blijvende inzetbaarheid van werknemers garanderen en hen helpen bij het afronden van hun loopbaan.   Medewerkers: Opleiding en Ontwikkeling
Medewerkers: Step2Work
Jaarverslag: Noot 15 Voorzieningen voor personeelsbeloningen
G4-LA11   Percentage werknemers dat regelmatig wordt ingelicht omtrent prestatie- en loopbaanontwikkeling naar geslacht en medewerkercategorie.   Jaarlijks bespreken alle leidinggevenden en medewerkers samen de individuele prestaties en ontwikkeling.
Aspect   Diversiteit en gelijke kansen    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Gelijke beloning man en vrouw    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Leveranciersbeoordeling    
G-4 DMA       Aandeelhouders en investeerders: Ketenverantwoordelijkheid
Doelstellingen en prestaties: aandeelhouders en investeerders
G4-LA14   Percentage van nieuwe leveranciers die gescreend zijn op 'arbeidsomstandigheden' criteria.   Aandeelhouders en investeerders: Ketenverantwoordelijkheid
    Weergegegeven middels toename van het aantal op MVI criteria gescreende leveranciers in het jaarverslag

6,8% nieuwe op MVI verklaringen gescreende leveranciers

Berekening MVI cijfer: Jaarlijks wordt voor ongeveer € 750 miljoen producten en diensten ingekocht, met keuzevrijheid voor leveranciers. Daarnaast worden er inkopen gedaan zonder keuzevrijheid.
G4-LA15   Significante bestaande en potentiële negatieve impact op arbeidsomstandigheden in de supply chain, alsmede de getroffen maatregelen.   Aandeelhouders en investeerders: Ketenverantwoordelijkheid
Leveranciers
Aspect   Klachten arbeidsomstandigheden    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Sub categorie   Mensenrechten    
Aspect   Investeringen    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Non discriminatie    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Vrijheid vereniging en onderhandeling    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Kinderarbeid    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Gedwongen arbeid    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Beveiliging    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Inheemse volkeren    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Beoordeling activiteiten    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Leveranciersbeoordeling    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Klachten mensenrechten    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Sub categorie   Maatschappij    
Aspect   Lokale gemeenschap    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Anti corruptie    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Publiek beleid    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Mededinging    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Naleving wet- regelgeving    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Leveranciers beoordeling    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Klachten behandeling    
G-4 DMA       Wat hebben we geleerd?
Klanten: klanttevredenheid
G4-SO11   Aantal klachten over impact op de samenleving ingediend, aangepakt en opgelost door middel van formele klachtenprocedures.   Wat hebben we geleerd?
Interactie met stakeholders
Sub categorie   Productverantwoordelijkheid    
Aspect   Veiligheid product    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Service en informatie    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Marketing en communicatie    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Privacy klant    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Aspect   Naleving wet- regelgeving    
G-4 DMA       Dit aspect is niet materieel voor Alliander
Electric utilities sector supplement
Aanvullende informatie materiele aspecten        
Categorie:   Organisatieprofiel    
Aspect   Organisatieprofiel    
         
EU 1   Opgesteld productievermogen   deze indicator is niet materieel voor Alliander
EU 2   Netto energie productie naar primaire bron en regulatorisch regiem   deze indicator is niet materieel voor Alliander
EU 3   Klantaansluitingen   Kerngegevens netbeheer elektriciteit en gas
EU 4   Transport en distributielijnen   Kerngegevens netbeheer elektriciteit en gas
EU 5   Allocatie CO2 emissierechten   deze indicator is niet materieel voor Alliander
Categorie:   Economische aspecten    
    Management aanpak    
         
EU 6   Capaciteitssplanning gericht op korte en lange termijn beschikbaarheid en betrouwbaarheid elektriciteit.   Ons verhaal in 2014
Klant
Toelichtig risico's
Aandeelhouders en investeerders: Een verantwoorde investering
Kwaliteit en capaciteit
EU 7   Demand-side management programma's voor huishoudens, diensten en industrie   Deze indicator is niet materieel voor Alliander
EU 8   Onderzoek en ontwikkeling   Wat hebben we geleerd?
Strategie
EU 9   Voorzieningen voor ontmanteling nucleaire installaties   deze indicator is niet materieel voor Alliander
    Economische KPI's    
         
EU 10   Capaciteitsplanning elektriciteitsproductie in relatie tot toekomstige vraag   deze indicator is niet materieel voor Alliander
EU 11   Gemiddelde opwekefficiency   deze indicator is niet materieel voor Alliander
EU 12   Efficiency van transport en distributie   2014 Totaal netverlies: 4,6% van totale instroom
2013 Totaal netverlies: 4,7% van totale instroom
Categorie:   Milieu aspecten    
    Milieu aspecten    
         
EU 13   Biodiversiteit van compensatie gebieden   deze indicator is niet materieel voor Alliander
Categorie:   Sociale aspecten    
    Arbeidsvoorwaarden    
         
EU 14   Kennis- en competentiemanagement   Medewerkers: Opleiding en Ontwikkeling
Medewerkers: Step2Work
EU 15   Percentage medewerkers dat in aanmerking komt voor pensioenregeling over 5 en 10 jaar naar functiegroep en regio   28,3% van het personeelsbestand komt binnen 5 jaar in aanmerking voor een pensioenregeling
41,5% van het personeelsbestand komt binnen 10 jaar in aanmerking voor een pensioenregeling
EU 16   Beleid en voorwaarden inzake gezondheid en veiligheid van medewerkers en (onder-) aannemers.   Medewerkers: veiligheid als basis
Aandeelhouders en investeerders: ketenverantwoordelijkheid
EU 17   Totaal arbeidsvolume bij (onder-)aannemers   Alliander houdt geen registratie bij van het aantal uren of manjaren dat door (onder)aannemers van Alliander wordt besteed aan projecten. Op basis van de uitgaven aan (onder)aannemers is onze inschatting dat circa 2.000 (cijfer 2012) fte aan direct personeel van onderaannemers werkzaamheden uitvoert voor Alliander. Er zijn geen aanwijzingen om te veronderstellen dat de verantwoording sustantieel is gewijzigd

Aandeelhouders en investeerders: ketenverantwoordelijkheid
EU 18   Medewerkers van (onder-) aannemers met relevante arbo en veiligheidstraining   Alliander werkt gecertificeerd (VIAG & BEI), medewerkers van aannemers moeten hier eveneens aan voldoen.
    Arbeidsvoorwaarden    
         
EU 19   Participatieve besluitvorming en deelname van stakeholders en uitkomsten   Strategie
Over ons bedrijf: onze rol in de energiesector
Over ons bedrijf: onze stakeholders
Interactie met onze stakeholders
Materialiteitstoets
EU 20   Regelingen voor onvrijwillige verhuizing, bedrijfsverplaatsing, onteigening   Deze situaties hebben zich niet voorgedaan
EU 21   Noodplannnen en herstel van schade   Om adequaat te reageren op incidenten en calamiteiten maakt Alliander gebruik van een daarvoor getrainde crisisorganisatie. Via de crisisorganisatie worden verschillende bedrijfsonderdelen snel bij de situatie betrokken en wordt de aanpak centraal gecoördineerd.
    Sociale prestaties    
         
EU 22   Aantal mensen betrokken bij onteigening/ gedwongen verhuizing   Heeft zich niet voorgedaan. Incidenteel dienen kabel- of leidingtracé’ over het terrein van derden aangelegd te worden
    Productverantwoordelijkheid, managementaanpak    
         
EU 23   Maatregelen ter ondersteuning van toegang tot en bevordering van veilig energiegebruik   Liander en Endinet waarschuwen klanten voordat hun energieleverancier het contract voor energielevering beëindigt. We geven het advies direct een nieuwe leverancier te zoeken om zo afsluiting van energie te voorkomen. Vanuit een maatschappelijk verantwoordelijkheidsgevoel sluit Liander de energie bij vorst nog niet af wanneer klanten een schuld hebben bij Liander of wanneer in die vorstperiode een energieleverancier het contract voor energielevering beëindigt. Om (structurele) betalingsachterstanden of afsluiting te voorkomen, attenderen wij klanten op de mogelijkheid van schuldhulpverlening. Wij zien een zorgvuldig incasso- en afsluitbeleid als onderdeel van onze maatschappelijke verantwoordelijkheid. Als de klant een medische verklaring overlegt, gaat Liander niet over tot afsluiting.
EU 24   Programma's gericht op verbeteren en handhaven van toegang tot elektriciteit voor kwetsbare groepen   Alliander heeft in het verleden wel aandacht gegeven aan eenvoudiger taalgebruik in brieven, maar heeft nu geen concrete projecten voor laaggeletterdheid of andere culturen. Wel probeert Alliander een afspiegeling te zijn van de samenleving en op diverse locaties bezoekmogelijkheid.
    Productverantwoordelijkheid, prestatie-indicatoren    
         
EU 25   Ongevallen en gezondheidsklachten van burgers in relatie tot bedrijfsmiddelen   In 2014 hebben zich 4 rechtszaken voorgedaan mbt ongevallen en/of gezondheidsklachten bij burgers in relatie tot bedrijfsmiddelen, 2 daarvan zijn opgelost in 2014.
EU 26   Niet aangesloten deel bevolking in concessiegebied netbeheerder   Er geldt een wettelijke aansluitplicht op het elektriciteitsnet.
EU 27   Afsluitingen en duur afsluiting wegens wanbetaling   In het berichtenverkeer van leverancier naar de netwerkbeheerder wordt geen reden van afsluiting vermeld.
EU 28   Frequentie stroomonderbreking   Gerapporteerd is onderbrekingsfrequentie (SAIFI):
Liander: 0,32
Endinet: 0,12
EU 29   Stroomonderbrekingsduur   SAIDI: Liander 19.9 minuten, Endinet: 11.6 minuten
CAIDI: Liander: 62.7 minuten, Endinet: 96.9 minuten
EU 30   Beschikbaarheidsfactor stroomopwekfaciliteiten   deze indicator is niet materieel voor Alliander
Aanvullende informatie        
Categorie:   Overige bedrijfsgerelateerde informatie    
G4-EN12   De significante impact van activiteiten, producten en diensten op de biodiversiteit in beschermde gebieden alsmede gebieden met een hoge biodiversiteitwaarde buiten beschermde gebieden.   Binnen de Europese Unie is een samenhangend netwerk van beschermde natuurgebieden 'Natura 2000' opgezet. In Nederland zijn er 162 gebieden die onder Natura 2000 vallen. Binnen het voorzieningsgebied van Alliander krijgen naar verwachting 60 gebieden een aanwijzing. Het aanwijzen van Natura 2000 gebieden door de overheid heeft ook gevolgen voor de eventueel noodzakelijke werkzaamheden in die gebieden. In 2012 heeft Alliander een interne gedragscode vastgesteld voor de activiteiten en bedrijfsmiddelen van Alliander bij het werken in de natuur. Met deze gedragscode kan Alliander voldoen aan het gestelde in de Natuurbeschermingswet en de Flora- en faunawet. Netwerkcomponenten zoals kabels en leidingen in Natura 2000 gebieden zijn opgenomen in het intern geografisch informatie systeem GIS
G4-EN23   Totaalgewicht afval naar type en verwijderingmethode.   In tonnen afval:

Kantoorafval
Papier/karton: 1.101
divers kantoorafval: 495
Bedrijfsafval
Metaal: 6.918
Hout: 218
Kunststof: 609
Grond: 1.882
Divers bedrijfsafval: 5.448
Divers gevaarlijk afval: 861

Totaal: 17.533

De kosten voor afvalverwerkers bedraagt 1,5 miljoen euro.
G4-EN29   Monetaire waarde van significante boetes en totaal aantal niet-monetaire sancties wegens het niet naleven van milieuwet- en - regelgeving.   In 2014 zijn er 3 niet financiele sancties opgelegd, en 1 financiele sanctie van 2.500,- euro
G4-LA1   Totaal aantal en snelheid van personeelsverloop per leeftijdsgroep en geslacht.   Gemeten op de laatste dag van het verslagjaar. Wanneer FTE’s vernoemd worden betreft het een volledige werkweek, ongeacht het aantal uren dat daarin gewerkt wordt.

FTE’
5868: Full Time Equivalent van het totaal aantal medewerkers met een arbeidsovereenkomst
978: Full Time Equivalent van het totaal aantal medewerkers met een inhuurcontract

Contractvorm
370: medewerkers met arbeidsovereenkomst bepaalde tijd
5701: medewerkers met arbeidsovereenkomst onbepaalde tijd

6015: Betreft de medewerkers met fulltime arbeidsovereenkomst of fulltime inhuurcontract
1158: Medewerkers met parttime arbeidsovereenkomst of parttime inhuurcontract

1102: Medewerkers met inhuurcontract

Mutaties
211: totaal aantal nieuwe mannelijke medewerkers
89: Totaal aantal nieuwe vrouwelijke medewerkers

294: Totaal aantal mannelijke medewerkers dat uit dienst is getreden
91: Totaal aantal vrouwelijke medewerkers dat uit dienst is getreden

16: De gemiddelde gewogen duur van de arbeidsrelatie in jaren.

Verhouding man/vrouw
4869: Betreft totaal aantal mannelijke medewerkers
1202: Betreft totaal aantal vrouwelijke medewerkers

Leeftijd
138: Betreft totaal aantal medewerkers van 24 jaar of jonger
1373: Betreft totaal aantal medewerkers van 25 t/m 34 jaar oud
1358: Betreft totaal aantal medewerkers van 35 t/m 44 jaar oud
1519: Betreft totaal aantal medewerkers van 45 t/m 54 jaar oud
1683: Betreft totaal aantal medewerkers van 55 jaar of ouder
G4-SO8   Monetaire waarde van significante boetes en totaal aantal niet-monetaire sancties wegens het niet naleven van wet- en -regelgeving.   De totale omvang van de opgelegde financiële sancties wegens niet (goed) naleven van wet- en regelgeving in het kader van gebruik producten en, opgelegd door toezichthouder is 0.
G4-LA12   Samenstelling van bestuurslichamen en onder-verdeling van werknemers per categorie, naar geslacht, leeftijdsgroep en andere indicatoren van diversiteit.   23,7% van onze leidinggevenden is vrouw
G4-PR9   Monetaire waarde van significante boetes wegens het niet naleven van wet- en -regelgeving betreffende de levering en het gebruik van producten en diensten.   De totale omvang van de opgelegde financiële sancties wegens niet (goed) naleven van wet- en regelgeving in het kader van gebruik producten en, opgelegd door toezichthouder is 0.
Extra   Invoer duurzame energie   Klanten: energietransitie
Extra   Aantal medewerkers met afstand tot de arbeidsmarkt   93
Extra   Percentage van de inkoop dat volgens de Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI) richtlijnen van Alliander gebeurd, in % euro's   60,90%
Extra   Rating duurzaamheid Oekom    
Extra   Veiligheidscultuur, score op de duurzaamheidsladder   Nulmeting: 1,8 op de duurzaamheidslader

De score van veiligheidscultuur is gebaseerd op onderzoeken die in opdracht van Alliander zijn uitgevoerd door KIWA.
Extra   Postcodegebieden met meer dan vijf storingen per jaar   10
Extra   Klanten met inzicht in hun energiebesparingspotentieel   7,40%
Extra   Digitalisering netten   61,00%
Extra   Alliander foundation   70 projecten
931 deelnemers
810 unieke deelnemers
Extra   Lengte glasvezelinfrastructuur   Totale lengte van gehuurde glasvezelinfrastructuur: 2634 km
Total lengte van eigen glasvezelinfrastructuur: 1134 km
Nieuw gerealiseerde glasvezelinfrastructuur: 217 km
Extra   Klanttevredenheid   consumentenmarkt 95% 104% t.o.v. benchmark zakelijke markt 84% 97% t.o.v. benchmark

De klanttevredenheidsscore is gebaseerd op onderzoeken die in opdracht van Alliander zijn uitgevoerd door een onafhankelijke onderzoeksbureau.
Extra   Medewerkersonderzoek   Score medewerkersonderzoek Great Place to Work is 67

De score van het medewerkersonderzoek is gebaseerd op onderzoeken die in opdracht van Alliander zijn uitgevoerd door Great Place to Work
Toegevoegd aan Mijn verslag + Mijn verslag